Andere partijen plaatsten daar kanttekeningen bij. Het CDA en GroenLinks-PvdA benadrukten dat woningbouw in en rond de bestaande kern noodzakelijk is om voorzieningen, verenigingen en ondernemers in stand te houden. Daarbij werd gewezen op inbreidingslocaties en mogelijke uitbreidingsruimte nabij het dorp.
Verschillende visies op bouwlocaties
Tijdens het debat werd duidelijk dat partijen uiteenlopende ideeën hebben over waar nieuwe woningen moeten komen. Leefbaar Zeewolde legde sterk de nadruk op Oosterwold als groeigebied. Het CDA noemde juist locaties dichter bij het dorp, waaronder gronden ten zuiden van de Kruisboog.
Zeewolde Liberaal pleitte voor een combinatie van bouwen in het dorp en ontwikkeling van Oosterwold. Daarbij werd onder meer de mogelijkheid genoemd om sportvelden te verplaatsen om ruimte te creëren voor woningbouw dichter bij het centrum.
Ook het zogenoemde G-gebied werd genoemd als mogelijke uitbreidingslocatie. Volgens de partij die dit voorstel deed, kan daar relatief betaalbaar worden gebouwd omdat de gronden al eigendom zijn van de gemeente Zeewolde. Daardoor heeft de gemeente meer invloed op de grondprijs en kan zij sturen op lagere kosten voor woningbouw.
D66 sloot zich aan bij de oproep om op meerdere plekken tegelijk te bouwen en stelde dat Zeewolde “op slot” zit. De partij pleitte ervoor dat een groter deel van de nieuwbouw uit goedkope en betaalbare woningen moet bestaan dan nu gebruikelijk is.
Aandacht voor starters en doorstroming
Vrijwel alle partijen noemden starters en senioren als groepen die extra aandacht nodig hebben. Doorstroming werd daarbij gezien als een belangrijke factor. Als ouderen kunnen verhuizen naar kleinere woningen, komen grotere huizen beschikbaar voor jonge gezinnen.
De ChristenUnie wees naast nieuwbouw op instrumenten die op korte termijn verlichting kunnen bieden, zoals startersleningen en regelingen voor inwoners met lokale binding. Tegelijk sprak ook die partij zich uit voor verdere woningbouw, zowel in Zeewolde als in Oosterwold, met behoud van het dorpse karakter.
Discussie over regie en grondprijsbeleid
Vanuit de zaal werden tijdens het debat vragen gesteld over de rol van projectontwikkelaars en de invloed van de gemeente op woningbouwprojecten. Een inwoner vroeg waarom ontwikkelaars zich in de praktijk niet altijd houden aan afspraken over de verdeling tussen goedkope, middeldure en duurdere woningen.
Daarnaast reageerde Cees Maris van Bureau Maris, stedenbouwers en landschapsontwerpers/architecten, op de discussie over gemeentelijke sturing. Hij stelde dat de gemeenteraad wel degelijk invloed heeft op de prijs van bouwgrond. Volgens hem kan de gemeente via haar grondprijsbeleid sturen op de haalbaarheid van betaalbare woningbouw.
Verschillende partijen erkenden dat gemeentelijke regie een rol speelt, maar benadrukten ook dat gemeenten niet alle factoren in handen hebben. Zo werd gewezen op marktomstandigheden, bouwkosten en landelijke regelgeving die invloed hebben op woningbouwprojecten.
Terugblik en verwachtingen
Tijdens het debat werd ook teruggeblikt op de afgelopen bestuursperiode. Volgens verschillende partijen zijn minder woningen gerealiseerd dan eerder was aangekondigd. Leefbaar Zeewolde wees erop dat wel veel vergunningen zijn verleend, maar dat niet alle plannen daadwerkelijk tot bouw hebben geleid.
Aan het einde van het debat kreeg Jesse de Roos opnieuw het woord. Hij gaf aan vooral te hebben gehoord dat alle partijen erkennen dat er woningen moeten worden gebouwd. Dat gaf hem vertrouwen, al ligt volgens hem de echte toets in de komende jaren: of de uitgesproken ambities ook daadwerkelijk worden waargemaakt.


085-0640737